Meet 5 minuten lang of je verbinding écht stabiel is. Onthult dropouts en periodieke vertragingen die een korte test mist.
Een korte snelheidstest meet maximum bandbreedte, maar zegt niets over hoe stabiel je verbinding is. PulseSpeed pingt je verbinding 300 keer in 5 minuten en toont elke variatie live. Dit onthult micro-dropouts, jitter-pieken en tijdelijke vertragingen die de oorzaak zijn van haperende videocalls of laggy gaming.
Een gemiddelde ping zegt weinig; de spreiding daarrond zegt alles. Onderstaande drempels zijn de waarden die wij aanhouden bij het beoordelen van een verbinding.
| Waarde | Goed | Acceptabel | Probleem | Waarom het telt |
|---|---|---|---|---|
| Range (beste vs slechtste ping) | onder 20 ms | 20 tot 60 ms | boven 60 ms | De belangrijkste waarde op deze pagina. Een grote range betekent dat je lijn onder wisselende omstandigheden sterk van gedrag verandert. |
| Jitter | onder 5 ms | 5 tot 15 ms | boven 15 ms | Bepaalt of gesprekken en games soepel aanvoelen; belangrijker dan de gemiddelde ping. |
| Packet loss | 0 procent | tot 0,5 procent | boven 1 procent | Elk verloren pakket is data die opnieuw moet, of bij gesprekken definitief verdwenen is. |
| Aantal pieken boven 2x mediaan | 0 tot 2 | 3 tot 10 | meer dan 10 | Losse uitschieters zijn normaal; herhaalde pieken duiden op structurele congestie of WiFi-interferentie. |
Omdat de problemen die mensen daadwerkelijk ervaren zich zelden binnen 20 seconden voordoen. Micro-dropouts, een router die zijn WiFi-kanaal herziet, een buurman die begint te streamen, of congestie op de wijkverbinding zijn allemaal gebeurtenissen op een tijdschaal van minuten. Een korte test meet je pieksnelheid; deze test meet of je die snelheid ook vasthoudt. Met 300 metingen op één per seconde is een enkele hapering duidelijk te onderscheiden van een patroon.
Kijk niet naar de gemiddelde ping maar naar de spreiding. Een lijn met een gemiddelde van 30 ms die tussen 28 en 34 ms blijft is uitstekend. Een lijn met hetzelfde gemiddelde die tussen 8 en 190 ms heen en weer schiet is slecht, ondanks het identieke gemiddelde. Als vuistregel: een range onder 20 ms en jitter onder 5 ms zonder pakketverlies is een gezonde verbinding.
Een enkele piek is bijna altijd onschuldig: een achtergrondproces, een WiFi-scan of een kortdurende wachtrij ergens op het pad. Interessant wordt het bij een patroon. Regelmatige pieken met een vast interval wijzen vaak op een apparaat in je eigen netwerk. Pieken die samenvallen met activiteit van huisgenoten wijzen op bufferbloat. Een geleidelijke verslechtering gedurende de test wijst op congestie of thermische problemen in apparatuur.
Tussen ongeveer 19:00 en 23:00 gebruiken de meeste mensen tegelijk internet. Op gedeelde infrastructuur — bij kabel meer dan bij glasvezel — kan dat de latentie en de stabiliteit meetbaar verslechteren. Meet daarom altijd op meerdere momenten voordat je conclusies trekt, en bewaar juist de avondmeting als je een klacht wilt onderbouwen.
Ja, en van alle tests op deze site is dit de meest overtuigende, omdat een enkele momentopname makkelijk weg te wimpelen is en een reeks van 300 metingen niet. Voorwaarde is dat je via een netwerkkabel meet: bij WiFi kan je provider terecht stellen dat het probleem in je eigen huis ligt. Exporteer het resultaat en herhaal de meting op verschillende momenten van de dag.
Nee. De test stuurt één kleine meting per seconde en gebruikt daarmee verwaarloosbaar weinig bandbreedte — aanzienlijk minder dan een gemiddelde webpagina. Je kunt tijdens de test normaal doorwerken, al is het voor een zuivere meting beter om zware downloads even te vermijden, tenzij je juist wilt zien wat die met je stabiliteit doen.